63C040A9-3A09-465C-9C2B-1170CDEBE2E3

Toeval?!

De eerste nacht in Japan verloopt rusteloos met spannende dromen en veel wakker liggen. Toch kom ik, als om zeven uur de wekker gaat, van ver en wil ik het liefst blijven liggen. De jetlag… Ik voel: er is nu geen ontsnappen meer aan m’n avontuur. Ik moet in actie komen: m’n Japanse simkaart halen, geld wisselen en zorgen dat ik van Osaka naar Tokushima op het eiland Shikoku kom. Ik dacht rechtstreeks met de bus te kunnen en was vergeten dat die eruit ligt. Het alternatief is veel complexer.
Bij het kopen van tickets voor m’n bestemming krijg ik een briefje uitgereikt met waar, hoe en hoe laat ik moet overstappen. Maar ik ken mezelf: wat anderen zien als een logische, rechte weg van A naar B, is voor mij doorgaans een kronkelpad vol zijweggetjes. Ik verdwaal nog op een roltrap.

Ik zoek het midden tussen controle en vertrouwen en neem ruim de tijd om het traject af te leggen, zodat ik zelfs nog tijd heb voor een -roze!!!- sakura-koffie en -donut bij de Starbucks én een verkeerde uitstap waardoor ik de laatste drieënhalve kilometer naar de veerboot maar loop, alvast een goede oefening. Terwijl ik in de zon aan het water wacht tot de ferry arriveert, spreekt een vrouw me aan op m’n rugzak, waar het symbool voor de Shikoku-pelgrim is te zien. Ze vraagt in goed Engels of ik de oHenro ga lopen en we raken in gesprek. Ze blijkt samen met de eigenaar op weg te zijn voor de seizoensopening van zijn herberg Sudachi An. Dat blijkt de herberg waar ik met veel moeite en hulp van mede-OHenro Yvonne Schoutsen een kamer reserveerde voor vlak na de zwaarste etappe van de pelgrimstocht. Mijn toekomstige gastheer en -vrouw waren eigenlijk niet van plan de boot te nemen en ik had een boot eerder willen nemen. Vol ongeloof over zoveel toeval kijken we elkaar aan. We zien het als een teken van Kobo Daishi, de monnik die twaalfhonderd jaar geleden voor het eerst deze pelgrimstocht liep, er Verlichting vond en de weg baande voor miljoenen mensen. Onderweg op de boot praten we over onze ervaringen en het leven. Ik merk niets van de Japanse gereserveerdheid of oppervlakkigheid, die ik in verhalen tegenkom. Kayo en Takeshi bieden me een lift aan van de boot naar m’n onderkomen in de stad Tokushima en we nemen als vrienden afscheid.
Even later eet ik m’n eerste bordje ramen (het eiland Shikoku schijnt er beroemd om te zijn). Op een apparaat buiten selecteer en betaal ik m’n bestelling. Het ticket dat daar uitkomt geef ik af en even later staat er een bordje met eten voor me in een restaurant met eenpersoonstafeltjes die uitkijken op een dode muur. M’n buurman slurpt genoeglijk z’n bordje leeg, er is geen enkele manier van contact. Het eten is goddelijk, ook al eet ik het per ongeluk met de verkeerde stokjes. Dag één in Japan zit erop en hoewel ik een paar dingen niet helemaal gingen zoals ze moesten en ik me hoe dan ook aardig lomp voel, ben ik minder lost in translation dan verwacht. Morgen begin ik aan m’n pelgrimstocht.

Zinzoeking-logo geoptimaliseerd

Leuk artikel? Deel het!

YOU MAY ALSO LIKE

Laat een reactie achter