17E29BD4-35FA-4394-9C26-748C41A2B60D

Terug van tempel 10 naar 8

In twee dagen loop ik terug naar Ryōzenji, de tempel waar m’n pelgrimstocht begon.

De eerste dag loop ik van tempel 88 naar tempel 10. Het eerste deel van de tocht loopt nog één keer over spannende bospaadjes langs liefelijke stroompjes, een heerlijke route.

Daarna gaat het over landweggetjes naar tempel 19, Kirihata-ji, de tempel die ik op de heenweg bijna miste. Ook de plek waar ik m’n pelgrimsuitrusting kocht. Ik bezoek de winkel opnieuw. Ze heten me warm welkom en feliciteren me met m’n prestatie.

Ik loop de vele trappen omhoog naar de tempel. Ja, deze herinner ik me nog wel. Bijzondere plek!

Ik zie een pelgrim wat onzeker naar me lachen. Ze is net begonnen en ik lees op haar gezicht de gevoelens die ik had toen ik hier voor het eerst rondliep. We praten wat, ik geef haar enkele tips. Het voelt goed om dat te kunnen doen.

Ik brand kaarsjes en wierook en loop wat rond, alles goed in me opnemend. De laatste kilometers heb ik met de Belgische Olivia gewandeld, die ik eerder tegenkwam en die na vijf jaar bezig is om de keten sluitend te maken. Het voelt goed om ervaringen met haar te delen. 

Toch neem ik bij tempel 9 Hōrin-ji, afscheid van haar. Ze loopt me te snel, heeft te veel haast, terwijl ik juist heel bewust iedere stap op dit laatste deel van m’n tocht wil zetten.

Ook tempel 9 herinner ik me goed. Hij ligt midden tussen de akkers en wegwerkzaamheden, omringd door bomen, waardoor je je bij het komen aanlopen teIkens afvraagt of er wel een tempel is. Ik zit er lang op een bankje, luister naar een groep pelgrims die de hartsoetra reciteert en videobel met Tim. Ik week me moeizaam los van deze plek. 

Ik heb nog één tempel te gaan voor vandaag, voordat ik weer terugkom naar het guesthouse waar ik sliep na m’n eerste wandeldag, Okudaya. Tempel 8 Kumatani-ji, is niet echt blijven hangen, merk ik. Ik betreed de plek alsof het de eerste keer is. Er hangt een wat spookachtige sfeer, vind ik. Ik hoef er niet te lang te blijven.

Ik weet dat ik door m’n host zometeen naar een onsen wordt gebracht, de eerste die ik na m’n eerste dag wandelen bezocht en waar ik onwennig en onbekend vanalles verkeerd deed. Ik verheug me erop deze plek weer te bezoeken. 

Als ik bij het guesthouse aankom en de host me ontvangt, kijken we elkaar wat bevreemd aan: dit lijkt niet de man die me de vorige keer ontving. Zijn Engels is beter, hij lijkt er anders uit te zien. Maar omdat ik het allemaal niet helemaal zeker weet, durf ik niet te vragen of hij een ander is.

Dezelfde ervaring heb ik in de onsen. Het mannen- en vrouwengedeelte blijkt ieder week te worden omgewisseld, waardoor ik nu in een heel andere omgeving zit als de vorige keer.

Je zou er een beetje gek van worden!

M’n kamer voelt echter vertrouwd, evenals m’n futon, waarop ik desondanks de slaap moeilijk kan vatten. Ik ben me te bewust van het naderende einde en van de leegte daarna.

Zinzoeking-logo geoptimaliseerd

Leuk artikel? Deel het!

YOU MAY ALSO LIKE

De laatste queeste

De laatste wandeldag

De laatste tempel

Laat een reactie achter